De wraak van Alva.

Het verzet van Utrecht tegen de Tiende Penning

In de jaren 1568-1572, aan het begin van wat later de Tachtigjarige Oorlog werd genoemd, verzetten de Staten van Utrecht en het stadsbestuur zich tegen de belastingplannen van de nieuwe Spaanse landvoogd. De invoering van een omzetbelasting van 10 procent op handel en nijverheid was volgens hen ongerechtvaardigd. Utrecht behoorde namelijk niet tot de Bourgondische erflanden en eiste een uitzonderingspositie op. Het verzet bleef niet zonder gevolgen en bleek uiteindelijk vergeefs.

Tijdschrift Oud-Utrecht 6 (2021) 4-8.

Hispania Victoria.

Militaire ongehoorzaamheid aan de Catherijnepoort van Utrecht in 1574.

‘Hispania, Hispania, Victoria, Victoria!’, echode de strijdkreet van een Spaanse soldaat over de Catharijnebrug op de vroege ochtend van dinsdag 17 december 1574. Zodra de stadsklokken van de kerk in Utrecht zes uur geslagen hadden, klonk er een krachtig tromgeroffel als signaal dat de aanval zou worden ingezet. Zo’n 6.000 tot 7.000 muiters uit het Spaanse leger openden hun aanval op de Catharijnepoort. De burgerwacht van Utrecht haaastte zich naar de stadspoort, waar zij een vijftal Spanjaarden onder leiding van de electo Juan Bianco, overmeesterden die via een ladder de poort overgeklommen waren in een poging deze voor hun kameraden te openen. Na een korte worsteling werd het vijftal neergestoken. Aan de hand van een Utrechts kroniek en literatuuronderzoek wil ik in dit artikel achterhalen wat de beweegredenen van deze Spaanse muiters waren om een aanval te openen op het Spaansgezinde Utrecht.

Mars et Historia 2 (2021)18-23.

Een noodlottige keuze.

Harmen Schinckel, boekdrukker en martelaar.

Boekdrukkunst, Philips Galle (toegeschreven aan atelier van), naar Jan van der Straet, ca. 1589 – ca. 1593

‘Mijn uutvercooren huijsvrouwe, alderliefste en dierbaerste pandt, dit schrijve ick ue tot den laetsten adieu-brief, voor mijne verhuijsinge uijt deze werelt.’Met deze woorden begon Harmen Schinkel zijn afscheidsbrief aan zijn vrouw en kinderen, voordat hij op 32-jarige leeftijd werd onthoofd wegens het drukken en verhandelen van ketterse boeken. Wat bezielde deze voormalige schoolmeester uit Delft om zo’n risico te nemen tijdens de religieuze onrust van 1566-1568?

Cultuurhistorisch magazine Delf 1 (2019) 8-11.

Om Vrede Wille.

De houding van de schutterij tijdens de religieuze onrust van 1566.

Het stadsbestuur van Delft werd in een van de roerigste perioden uit de geschiedenis overgeleverd aan de weerwil van de burgers. De manier waarop de schutterijen reageerden op de gebeurtenissen in 1566-1567 had directe gevolgen voor het verloop van de beeldenstorm. Zou de verspreiding van de beeldenstorm anders zijn verlopen wanneer het stadsbestuur ter preventie van het geweld andere beslissingen had genomen en gaf de houding van de schutterij in dit religieuze conflict de doorslag?

Mars et Historia 2 (2020) 10-17.

Processtukken in kleur.

Ruzies over het uitdiepen van de Vliet.

In de collectie Beeld en Geluid van Archief Delft bevindt zich een serie van vijf prachtige kaarten van de hand van Coenraet Oelensz., gedateerd omstreeks 1500. De kaarten passen aan elkaar en beelden de Vliet tussen Delft en Leiden af. Literatuuronderzoek en raadpleging van de dingboeken uit het Oud Archief van Rijnland maakten duidelijk dat de kaarten als processtuk dienden en zijn gebruikt in verband met conflicten over het uitdiepen van het gedeelte van de Vliet ten noorden van Leidschendam. Wat was de rol van Delft daarbij?

Cultuurhistorisch magazine Delf 3 (2017) 4-7.