Kenmerkend aspect 16:de expansie van de christelijke wereld naar buiten toe, onder andere in de vorm van de kruistochten

Rond het jaar 1100 vraagt de keizer van het Byzantijnse rijk hulp bij de paus in Rome tegen de Turkse veroveringen (oproep). Voor paus Urbanus II was dit de mogelijkheid om de eenheid te bevorderen (gezamenlijke vijand) en om het christendom te verspreiden. Er word een kruistocht georganiseerd om de Turken terug te dringen en het Heilige Land Palestina te bevrijden. De paus belooft alle deelnemers vergeving van zonden, zodat ze in de hemel zouden komen. Voor edelen en ridders was het de mogelijkheid om macht en roem te verwerven.

In 1096 vertrok de eerste kruistocht en in 1099 veroverden ze Jeruzalem. In 1187 werd onder leiding van de islamitische generaal Saladin Jeruzalem opnieuw veroverd. Europa organiseerde de Derde Kruistocht onder leiding van o.a. Engelse koning Richard Leeuwenhart. Richard slaagt er niet in Jeruzalem te heroveren, maar hij kon Saladin ertoe bewegen christelijke pelgrim toe te laten.

De kruistochten veranderden gelovige mensen in fanatieke strijders voor het geloof, die zich ook fel keerden tegen andersgelovigen, zoals de Joden. De Joden kregen de schuld van kruisdood van Jezus en omdat ze meestal bankiers waren, hadden mensen schulden bij hen. Ze konden maar beter dood. De kruistochten verscherpten de tegenstellingen tussen christenen en moslims, maar de kruistochten leidden ook tot handel en culturele uitwisseling. West-Europa maakte kennis met cijfers, Arabische medische kennis en filosofische werken van Grieken.

bron: geschiedeniswerkplaats

Voeg toe aan je favorieten: Permalink.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.